Jûjî

şermokî

bijvoeglijk naamwoord
  1. bedeesd / bevangen / timide / verlegen

    de
    bang / zaghaft / Schüchternheit / Verschämtheit
    en
    shy / abashed / timid / afraid
    tr
    utanç / kapanık / sıkılgan / tutuk
    kmr
    şermîn, şermok, şermoke, kesa/ê ku şerm dike, ne bisteh, ne wêrek di danûstandinên li gel xelkê de

Herkomst

Ji şerm + -okî.

Verwante woorden

Antoniemen

Afleidingen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.