Jûjî

absans

/ɑːbˈsɑːns/

zelfstandig naamwoordvrouwelijk
  1. absence

    kmr
    xaîbî, xaîbbûn, nemewcûdî, nehazirî, neamadeyî, hindayî, nediyarî, beşdarnebûn, xiyab

Herkomst

From French absence.

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.