Jûjî

adet

/ʕɑːˈdɛt/

zelfstandig naamwoordmannelijk/vrouwelijkMeervoud: adet
  1. gewoonte / gebruik / traditie

    de
    Regel / Brauch / Angewohnheit / Gewohnheit
    en
    custom (long-established practice)
    tr
    âdet / gelenek / görenek
    kmr
    Xwînberbûna heyvane ya jinan; ketina cilan a jinan.
  2. gewoonte

    de
    Gewohnheit
    en
    habit (frequent repetition of the same act)
    tr
    alışkanlık

Herkomst

Ji erebî عادة (ʕāda), ji ber tekrarkirinê.

Verwante woorden

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.