Jûjî

beraber

bijvoeglijk naamwoord
  1. denk / eşit / mütekabil / beraber

    de
    beiderseitig / gegenseitig / reziprok / wechselseitig
    en
    in front of / equal / equivalent / opponent
    kmr
    hevber, hember, berê wan li hev, miqabil

Voorbeelden

  • Mala wan beraberî ya me ye.

  • Ew beraberî me şerr dikin.

Herkomst

ber- + -a- + -ber, hevreha farisî برابر (beraber), ji zimanên îranî

Verwante woorden

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.

beraber — Koerdisch woordenboek · Jûjî