Jûjî

mijok

zelfstandig naamwoord
  1. emici / emzik / sömürücü / sömürgen

    en
    sucker / pacifier / pipet / pipette
    kmr
    mijer, memik, pizîng, mostik, mijmijok, mismisok, mijmijk, kedxwar, mijoker, mijokdar, emekxwer

Herkomst

Ji mij + -ok

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.