Jûjî

nazî

/nɑːˈziː/

1.bijvoeglijk naamwoord
  1. rastgirên tundrew, faşist, şovenîst, neteweperist

Voorbeelden

  • Ew hemû nazî ne.

2.zelfstandig naamwoord
  1. nazi

    de
    Ziererei / Nazi
    en
    coqueting / national socialist / Nazi
    tr
    naz / Nazi
    kmr
    nazdarî, nazbûn, celwe, îşwe, alûsî, cîlwe, nazdarî, naz-û-nûz, flort

Voorbeelden

  • Almanyaya nazî.

  • Naziyan 6 milyon Cihû kuştin.

Herkomst

Ji naz + -î.

Verwante woorden

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.