Jûjî

neçêtî

zelfstandig naamwoord
  1. fenalık / kötülük

    de
    Boshaftigkeit / Hässlichkeit / Abscheulichkeit
    kmr
    xirabî, bedî, nerindî, neçakî, nebaşî

Herkomst

Ji neçê + -tî.

Verwante woorden

Andere schrijfwijzen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.