Jûjî

pîrozî

/piːɾoːˈziː/

zelfstandig naamwoordvrouwelijk
  1. takdis / kutsallık / kutluluk

    de
    Glückwunsch
    en
    holiness
    kmr
    miqedesî, pîrozbûn yan pîrozkirin

Herkomst

Ji pîroz + -î

Verwante woorden

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.