Jûjî

pantor

/pɑːnˈtoːɾ/

zelfstandig naamwoord
  1. pants / pair of trousers

    kmr
    şelwar, pantolon, ranik

Herkomst

Ji pan + -tor.

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.