Jûjî

pratîkal

bijvoeglijk naamwoord
  1. praktisch

    de
    praktisch / angewandt
    en
    practical
    tr
    kılgısal
    kmr
    çespanî, kiryarkî, emelî, pratîkî, konkret, reel, ne teorîk, li gor pratîkê

Herkomst

Ji îngilîzî practical yan fransî pratique + -al

Verwante woorden

Afleidingen

Andere schrijfwijzen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.