Jûjî

iftira

zelfstandig naamwoord
  1. laster / smaad

    de
    Verleumdung / Beleidigung / üble Nachrede
    en
    slander / defamation / aspersion / calumny
    tr
    iftira / kara / çalma / bühtan
    kmr
    bêbextî, newehî, buxtan, qeremetî, tawanbarkirina kesekî bi bihaneyên derew û bêbingeh

Voorbeelden

  • Ew iftirayan li min dike.

Herkomst

Ji erebî إِفْتِرَاء (ʔiftirāʔ, “derew”).

Verwante woorden

Synoniemen

Andere schrijfwijzen

Bron en licentie

Dit lemma komt uit Wîkîferheng/Wiktionary en valt onder CC BY-SA 4.0. Bron: Wîkîferheng. Onze afgeleide gegevens delen we onder dezelfde licentie.